Creativiteit in het onderwijs

Het Grote Vindingrijkboek

het-grote-vindingrijkboekDit boek is een must voor alle pabo studenten, toekomstige leraren, een aanrader voor elke leraar in het PO en de onderbouw van het VO.

Het Grote Vindingrijkboek combineert interessante informatie over creativiteit met leuke lessen. Een inspirerend boek, met aansprekende afbeeldingen, tekeningen en stripjes. Creativiteit stimuleren, hoe doe je dat? En… wat is creativiteit precies? David van der Kooij schrijft daarover in Het Grote Vindingrijkboek. Het boek – inclusies lesideeën – is als volgt opgebouwd:

  • Creativiteit kun je leren
  • Nieuwsgierig en vragend
  • Verbindingen maken
  • Vernieuwend en avontuurlijk
  • Autonomie, betrokkenheid en eigenaarschap
  • Tot slot: enkele voorbeelden van lesideeën.

 

Creativiteit is het vermogen om creatief te denken en te handelen, om bekende dingen anders te zien, nieuwe combinaties te maken en de wereld te vormen. Een creatief persoon is handig in het vinden van nieuwe routes buiten bestaande wegen. Hij is daarom goed toegerust om staande te blijven in een veranderende wereld, en om zichzelf daarin een goede plek te verwerven.

Creativiteit heeft elk mens al van zijn geboorte in zich. Kinderen verdienen het om te leren hoe ze hun creativiteit ten volle kunnen ontplooien. Je kunt  creatief denken, een creatieve houding en creatief gedrag ontwikkelen.

Robert Sternberg en Todd Lubart beschrijven in hun theorie over creativiteit dat de mate waarin creativiteit zich uit, wordt bepaald door een dynamische combinatie van zes factoren:

  • Intelligentie. Creativiteit wordt geboren in gedachten.
  • Kennis. Kennis is grondstof voor creativiteit.
  • Denkstijl. Een vragende, experimenterende denkstijl levert andere gedachten op dan een gesloten en kritische denkstijl.
  • Persoonlijkheid. Denk aan kenmerken als: risico’s durven nemen, doorzetten, tegen de stroom in zwemmen.
  • Motivatie. Creativiteit bloeit wanneer we opgaan in een activiteit, dat vraagt om intrinsieke motivatie.
  • Omgeving. Creativiteit gedijt alleen in een omgeving waar het wordt geaccepteerd, gekoesterd en gefaciliteerd.

Een creatieve leerkracht beseft dat hij rolmodel is, en geeft daarom ook ruime aandacht aan zijn eigen creatieve ontwikkeling. Hoe doe je dat?

  • Moedig een vragende houding aan en straal nieuwsgierigheid uit.
  • Stel grote vragen, denk en speculeer hardop.
  • Geef ruimte voor spel, experiment, risico’s, falen en doorzetten.
  • Sta open voor avontuur en nieuwe ideeën van jezelf en anderen.

Teresa Cremin beschrijft dit in vier pijlers, waarop een creatief leerklimaat in de klas rust:

  • Stimuleren van een nieuwsgierige en vragende houding.
  • Verbindingen maken die het leren relevant maken voor de leerling.
  • Toelaten van en zoeken naar vernieuwing.
  • De leerling eigenaarschap geven over zijn eigen creativiteit en leerproces, autonoom en betrokken.

In de schoolbanken krijgen kinderen in hoog tempo de basisinformatie voorgeschoteld van alles wat de mens sinds zijn bestaan heeft bedacht. Helaas komt de nieuwsgierigheid – de drijfveer om autonoom te leren- daarbij nogal in het gedrang. Dit heeft gevolgen voor de intrinsieke motivatie. Het kan anders: door veel meer in te spelen op de natuurlijke nieuwsgierigheid.

Creativiteit is het maken van nieuwe verbindingen. Bij creatief denken gebruik je diverse denkstrategieën. De rode draad in deze strategieën is associëren; bestaande gedachten verbinden tot nieuwe gedachten.

  • Associëren. Waar doet dit allemaal nog meer aan denken?
  • Analogieën herkennen. Waar heeft dit allemaal nog meer overeenkomsten mee?
  • Anders waarnemen. Wat kan dit allemaal nog meer voorstellen?
  • Verbeelden. Waar kan dit allemaal nog meer in veranderen?

Als je blijft doen wat je altijd deed, krijgt je wat je al hebt. Creatieve ontwikkeling heeft een omgeving nodig die toeval toelaat en zoekt naar wegen om daarvan te leren. Dat vraagt een flexibele leerkracht, die ruimte geeft voor experimenteren, trial-and-error en spontaniteit in de leeromgeving.

De unieke creativiteit van een kind kan ontwikkelen als het kind de kans krijgt om autonoom te denken en te doen, om zelf keuzes te maken in het leerproces. De leerkracht begeleidt en reflecteert, dit stimuleert eigenaarschap en betrokkenheid; wat zich uit in doorzettingsvermogen.
Beoordeling, competitie en externe beloning hebben doorgaans een flink negatief effect op de creativiteit en leerprestaties. Het maakt veel kinderen – en volwassenen- angstig en ontneemt ze de lust tot leren, creëren en presteren.

Waardevolle lessen van Carol Dweck (mindset), Howard Gardner (meervoudige intelligentie), Jelle Jolles en Teresa Amabile komen in dit boek aan bod. De auteur schrijft: ‘Zij hebben ieder een belangrijk verhaal te vertellen als het om ontwikkeling en onderwijs gaat. Neem hun verhalen ’s ochtends in je achterhoofd mee naar school. Jouw leerlingen zijn dat waard.’

 N.a.v. Het Grote Vindingrijkboek, Uitgeverij Leuker.nu, 2013, ISBN 978 619 3873 2, 97 blz., € 29, 95. Het boek is te bestellen bij Uitgeverij Leuker.nu.

 

Bookmark the permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *